AI voor Docenten
LinkedIn

Door Marcel Mutsaarts

Waarom AI het onderwijs niet uit moet

LinkedIn-bijdrage van Marcel Mutsaarts: Waarom AI het onderwijs niet uit moet

De zomervakantie geeft ruimte om terug te kijken. Achter mij ligt een jaar waarin ik, samen met Tom Naberink keihard heb gewerkt aan AI in het onderwijs: lezingen, trainingen, raamwerken bouwen, en honderden gesprekken met docenten, schoolleiders en bestuurders door het hele land. Als ik uit dat hele jaar één inzicht moet kiezen dat er het meest toe doet, dan is het wat ik in dit artikel wil delen. De aanleiding is een stelling die ik regelmatig tegenkom: AI moet het onderwijs uit, want het leren gaat eraan. De meeste docenten die ik spreek denken er genuanceerder over, maar een aantal invloedrijke stemmen roept dit met overtuiging, en op locatie duikt het geluid ook geregeld op. Soms voorzichtig geformuleerd als verzuchting, soms als ferm standpunt met een beroep op de cognitieve wetenschap. Na 25 jaar in het onderwijs herken ik de zorg die eronder ligt maar al te goed. Toch zit er in de redenering een denkfout die ik wil blootleggen, omdat de conclusie die eruit volgt het onderwijs volgens mij actief schaadt.

Wat er waar is aan de zorg

Eerst het deel waar de critici gelijk hebben. Leren vereist cognitieve inspanning. Wie een essay schrijft, ordent al schrijvend zijn gedachten, en wie die ordening uitbesteedt, leert niet schrijven en niet denken. Op dit moment gebeurt dat uitbesteden op grote schaal. Leerlingen laten hun samenvattingen genereren, studenten leveren teksten in waar ze zelf nauwelijks doorheen zijn gegaan, en docenten zien werk voorbijkomen waarvan ze het leerproces erachter ernstig betwijfelen.

De roep om een verbod klinkt dan ook logisch: haal de verleiding weg en de inspanning keert terug. Ik zal hieronder proberen aan te tonen waarom dat om een aantal redenen niet de juiste conclusie is.

Hulp die het werk kon overnemen, bestond altijd al

Het onderwijs heeft nooit in een wereld bestaan waarin leerlingen hun werk onmogelijk konden uitbesteden. De medestudent die tegen betaling of uit vriendschap je essay schreef, bestond al toen ik studeerde. Huiswerk overschrijven op het schoolplein is zo oud als huiswerk zelf, en uittrekselboekjes lagen decennialang gewoon in de boekhandel. Op geen enkel moment heeft het onderwijs daaruit geconcludeerd dat vrienden, klasgenoten of boekhandels uit het leven van leerlingen geweerd moesten worden. Het antwoord lag altijd ergens anders: in toets/onderwijsontwerp dat zichtbaar maakt wat iemand werkelijk beheerste, in begeleiding tijdens het proces, in het gesprek waarin een docent binnen twee minuten doorhad of het werk van de leerling zelf kwam.

Anders gezegd: de moeite die het kostte om vals te spelen, was nooit de waarborg van het leren. Die waarborg zat in het ontwerp van het onderwijs. Wie zijn toetsing en begeleiding zo had ingericht dat uitbesteden onzichtbaar bleef en onbesproken, leunde op frictie in plaats van op ontwerp, en kwam daar tot november 2022 mee weg. AI heeft die frictie weggenomen en daarmee iets zichtbaar gemaakt wat er al zat. De crisis die nu aan AI wordt toegeschreven, is voor een aanzienlijk deel een ontwerpcrisis die jarenlang onder de oppervlakte kon blijven.

AI kan de rollen vervullen die we altijd goede hulp noemden

Dan het diepere bezwaar, dat zegt dat AI principieel geen goede hulp bij leren kan zijn, waar een docent, een boek of een medestudent dat wel is. Om dat bezwaar te toetsen is een gedachte-experiment uit 1950 verrassend actueel. Alan Turing stelde destijds voor om de vraag of machines kunnen denken te vervangen door een praktische test: laat een beoordelaar via tekst gesprekken voeren met zowel een mens als een machine, zonder te weten wie wie is. Kan de beoordelaar het verschil niet aanwijzen, dan is het onderscheid functioneel gezien verdwenen. Deze Turing test is door de huidige generatie taalmodellen overtuigend doorstaan: in onderzoek worden ze in blinde gesprekken regelmatig vaker voor mens aangezien dan de mens zelf. Vertaald naar het onderwijs betekent dit het volgende. Wanneer je in een blinde vergelijking het verschil in kwaliteit tussen de uitleg van een ervaren docent en de uitleg van een goed geïnstrueerde AI niet kunt waarnemen, dan kan het bezwaar logischerwijs niet over de kwaliteit van die uitleg gaan. Wie volhoudt dat er een wezenlijk verschil is, moet kunnen aanwijzen waar dat verschil zich manifesteert.

Neem het leerboek. Vorig jaar demonstreerde ik hoe AI een compleet leerboek genereert, afgestemd op de voorkennis, het niveau en de interesses van een individuele leerling. Waar het traditionele handboek voor elke leerling in Nederland exact hetzelfde is, ontstaat hier lesmateriaal dat meebeweegt met wie het gebruikt. Hetzelfde geldt voor de rol van uitlegger, van overhoorder, van medestudent die meedenkt: met de juiste didactisch-pedagogische instructie vervult AI die rollen op een niveau dat functioneel niet onderdoet voor wat we altijd waardevolle hulp hebben genoemd, en met een beschikbaarheid die geen docent kan bieden.

Natuurlijk valt hier tegenin te brengen dat een docent meer doet dan uitleggen. Een docent kent de leerling over weken en maanden, voelt de dynamiek van een klas aan en grijpt ongevraagd in op het juiste moment. Dat klopt volledig, en juist daarom is deze tegenwerping zo interessant. Al deze kwaliteiten gaan namelijk over de context waarin de uitleg plaatsvindt: over continuïteit, over zicht op het leerproces, over sturing. Wie het verschil tussen docent en AI wil benoemen, komt dus vanzelf uit bij de inrichting van het leerproces. En daarmee zijn we aanbeland bij de vraag waar het volgens mij werkelijk om draait.

Worstelen kan ook mét AI

Voordat ik die vraag uitwerk, moet er nog één aanname sneuvelen: het idee dat AI per definitie het denkwerk wegneemt. Een AI die je essay schrijft, neemt de worsteling inderdaad weg. Diezelfde technologie, anders geïnstrueerd, doet het omgekeerde. Een AI die je stellingen fileert, tegenargumenten opwerpt en weigert genoegen te nemen met je eerste formulering, organiseert cognitieve inspanning in plaats van die te vervangen. Het verschil tussen die twee zit volledig in de instructie en de context, en dus in de handen van wie de leeromgeving inricht.

In het kader van transparantie: dit artikel is zelf het product van meerdere rondes sparren met een AI die de opdracht had kritisch en scherp te zijn. Die AI viel mijn argumentatie op verschillende punten aan, waardoor ik gedwongen werd mijn redenering te verdedigen en aan te scherpen. Andersom betrapte ik de AI halverwege op precies het soort denkfout waar dit artikel over gaat, waarna het betoog opnieuw een slag beter werd. Wie beweert dat er met AI niet geworsteld kan worden, nodig ik van harte uit dat eens te proberen.

Waar het werkelijk om gaat: regie

De vraag die overblijft, gaat over regie. Wie voert de regie over de rol die AI per leeractiviteit speelt in het leerproces? Die rol kan sterk variëren. Bij de ene activiteit is AI bewust afwezig, omdat je wilt zien wat een leerling zelfstandig produceert. Bij de andere fungeert AI als tutor die eindeloos geduldig uitlegt, als overhoorder, of juist als kritische opponent die de lat hoger legt dan de leerling zelf zou doen. Elk van die keuzes kan educatief verantwoord zijn, mits iemand ze bewust maakt vanuit de vraag wat er geleerd moet worden.

Een verbod is in dit licht de enige positie die de regie per definitie uit handen geeft. De leerling loopt om vier uur het schoolplein af, opent de app en gebruikt AI alsnog, zonder sturing, zonder ontwerp en buiten het zicht van iedereen die het leerproces zou kunnen bewaken. Het ongestuurde gebruik dat de critici terecht zorgen baart, wordt door hun eigen oplossing niet kleiner maar onzichtbaar. Wie de regie wel pakt, kan een leeromgeving bouwen die rijker is dan wat we hebben.

Wat die regie concreet vraagt

Die regie ontstaat niet vanzelf, en eerlijk gezegd is ze op de meeste plekken nog ver te zoeken. Vanuit die analyse hebben we bij AI voor Docenten drie raamwerken ontwikkeld, die samen de regievraag op de drie niveaus beantwoorden waar ze gesteld moet worden.

Het eerste raamwerk richt zich op de AI geletterdheid van docenten. Regie voeren over AI in je onderwijs veronderstelt dat je de technologie zelf voldoende beheerst en doorziet. Het raamwerk beschrijft die geletterdheid langs vijf domeinen, van een mensgerichte AI-mindset en ethisch verantwoord gebruik tot AI-kennis en vaardigheden, AI-pedagogiek en didactiek, en digital agency. Met de bijbehorende zelfscan kan iedere docent vaststellen waar hij of zij staat en gericht verder ontwikkelen.

Het tweede raamwerk, KIES, richt zich op de AI vaardigheid van leerlingen en studenten. Regie ligt uiteindelijk ook bij de lerende zelf, die per situatie moet leren kiezen of AI het leren versterkt of ondermijnt, die AI goed moet leren instrueren, de output kritisch moet leren evalueren en zich aan afgesproken spelregels moet leren houden. De kernvraag van KIES is steeds dezelfde: leer ik hier meer of minder van, sneller of langzamer, beter of slechter? Het verschil tussen een leerling die AI gebruikt en een leerling die door AI gebruikt wordt, wordt hier gemaakt.

Het derde raamwerk (BOUW) is de nieuwste loot aan de stam en volop in ontwikkeling. Na de zomer gaan we er veel aandacht aan geven, omdat vibecoden in hoog tempo belangrijker en krachtiger wordt. Dit raamwerk gaat over het educatief verantwoord ontwerpen van onderwijsleeromgevingen met vibecoden. Docenten kunnen tegenwoordig zonder programmeerkennis zelf digitale leeromgevingen en leertools bouwen, en juist daar komt de regievraag het meest concreet samen: welke didactische principes bouw je in, welke rol geef je AI binnen de omgeving, en hoe borg je dat het leren centraal blijft staan?

Wie vanuit deze drie raamwerken werkt, bouwt aan een leeromgeving waarin AI het leren verrijkt op de momenten dat het kan, en bewust afwezig is op de momenten dat het moet. Dat is aanzienlijk meer werk dan een verbod uitvaardigen. Het is ook het enige antwoord dat het probleem werkelijk adresseert.

De vraag is uiteindelijk niet óf leerlingen en studenten moeten worstelen met de stof, want daarover is iedereen het eens. De vraag is wie die worsteling ontwerpt. Op dit moment is dat op veel plekken niemand, en dat lijkt me het werkelijke probleem. Wie pakt bij jou op school de regie?

#aivoordocenten #vibecoden #aigeletterdheid

Praat mee op LinkedIn

Deel hoe jouw school regie voert over AI en het leerproces of praat mee bij de oorspronkelijke LinkedIn-bijdrage.

Praat mee op LinkedIn